Voorschriften ontheffing snelvaren

Wie mogen de ontheffing gebruiken?

1. Deze ontheffing is persoonsgebonden. Dit houdt in dat de ontheffinghouder altijd zelf in (als bestuurder of passagier) of aan de boot (als waterskiër) aanwezig moet zijn. Enige uitzondering hierop zijn de partner en de bloed- en aanverwanten tot en met de tweede graad van de ontheffinghouder, mits deze als bestuurder/schipper in het bezit is van een wettelijk voorgeschreven geldig vaarbewijs.

2. Als de ontheffing geldt voor een bedrijf mag het vaartuig uitsluitend worden bestuurd door personeelsleden van het bedrijf voor zover deze in het bezit zijn van een wettelijk voorgeschreven geldig vaarbewijs en deze ontheffing voor de bedrijfsuitoefening wordt gebruikt.

Wanneer?

3. Van deze ontheffing mag gebruik worden gemaakt tijdens de daglichturen, met uitzondering van:

  • de woensdagen vanaf 18.00 uur, behalve voor het trekken van waterskiërs en wakeboarders;
  • de zaterdagen in de maanden juni, juli en augustus tussen 11.00 en 18.00 uur;
  • de zondagen tussen 11.00 en 18.00 uur (in de maanden september tot en met mei is wedstrijdtraining via de vereniging SWV-Kagerplas wel mogelijk);
  • hemelvaartsdag tussen 11.00 tot 18.00 uur;
  • de week waarin de “Natte” Kaagweek wordt gehouden, voor 18.00 uur (zie voor data www.kwvdekaag.nl);
  • als het zicht minder bedraagt dan 500 meter.

Waar?

4. Van deze ontheffing mag alleen gebruik worden gemaakt op het Norremeer en het Dieperpoel, met uitzondering van:

  • binnen een afstand van 20 meter van een oever;
  • de vernauwing tussen de Kooipolder en de Tuinder- of Kogjespolder waar men ook rekening moet houden met de provinciale vaargeul;
  • binnen een afstand van 50 meter van een aanleggelegenheid of zweminrichting;
  • binnen een afstand van 50 meter van andere watersporters (hieronder vallen ook deelnemers van zeilwedstrijden of andere sportevenementen) alsmede binnen een afstand van 50 meter van start, finish, wedstrijdbanen of van de aan het evenement deelnemende vaartuigen of personen.

Het onder de hiervoor genoemde eerste drie aandachtspunten geldt niet voor het afvaren en aanleggen ten behoeve van het trekken van beoefenaars van waterskiën en wakeboarden van en naar een startplaats, mits daarbij de kortst mogelijke weg wordt gevolgd en geen hinder of gevaar wordt veroorzaakt.

Wat mag niet?

5. Het harder varen dan 12 km/h op de overige delen van de Kagerplassen en vaarwegen naar de Kagerplassen.
6. Het solovaren met een grotere snelheid dan 100 km/h.
7. Het varen met een zogenaamde jet-ski en/of waterscooter.
8. Het slepen van zogenaamde autobanden, “bananen” en dergelijke.
9. Het achter een motorboot parachuteskiën met gebruikmaking van een parasail of deltawing.
10. Het varen zonder gesloten uitlaat.
11. Als bestuurder/schipper van een snelle motorboot onder invloed van alcoholhoudende drank verkeren. Met alcoholhoudende drank wordt voor de toepassing van dit voorschrift gelijk gesteld elke stof waarvan de bestuurder/schipper weet of redelijkerwijs moet weten, dat het gebruik de stuurvaardigheid kan verminderen. Dit verbod geldt eveneens voor de in voorschrift 13 bedoelde watersportbeoefenaars en de daar vermelde tweede persoon.

Veiligheid

12. Bij het trekken van waterskiërs en wakeboarders moet naast degene, die de boot in feite bestuurt, nog een tweede persoon, die de leeftijd van ten minste 15 jaar heeft bereikt, als uitkijk aan boord zijn en die let op de getrokken persoon of personen.
13. Alle opvarenden moeten tijdens het varen gebruik maken van de daarvoor bestemde vaste zitplaatsen, terwijl niet meer opvarenden aan boord mogen zijn dan het aantal zitplaatsen.

Algemeen

14. De ontheffing, het registratiebewijs van de snelle motorboot, het verzekeringsbewijs en het vaarbewijs van de bestuurder/schipper moeten in de boot aanwezig zijn en moet op eerste vordering van de politie getoond worden.
15. De bestuurder/schipper van de snelle motorboot is verplicht de van toepassing zijnde voorschriften gesteld in het “Binnenvaartpolitiereglement”, de "Scheepvaartverkeerswet” en de aan deze ontheffing verbonden voorschriften strikt na te leven.
16. Deze ontheffing is niet overdraagbaar.